dutch
learn some dutch sentences!
dutch
english

laten we tomaten gooien!
let's throw tomatoes!

ik heb een drommedaris als huisdier
I have a pet dromedary

weet jij waar ik wat wiet kan kopen?
do you know where i can buy some pot?

kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen?
can you tell me way to Hamelen?

mijn goudvissen zijn in de tuin begraven
my goldfish have been burried in the garden

ik eet twee watermeloenen per dag
i eat two watermelons a day

niet op de stoelen staan
don't stand on the chairs

ja, zuster
yes, sister

ik heb Severus Sneep altijd vertrouwd
i've always trusted Severus Snape